Restaurant

De visstand zegt geen zeeduivel

dus kies ik biefstuk van de struis.

 

Een lieveheersbeestje banjert naar

het uiteinde van een oranje rietje.

 

Een muisje schiet onder de klapdeuren

door naar de wittig dampende keuken.

 

Popelend liggen mes en vork naast

een ivoorkleurig vierkanten bord.

 

Bromvlieg legt een onnavolgbaar

parcours af langs lampen en tafels.

 

‘Gebraden dodo, meneer?’ vraagt de

ober bevreemd. De kreeften in het

 

aquarium halen opgelucht adem.

Mijn drankje doet een ananas na.

 

Micha Hamel

Uit Bewegend doel